5 september 2017: Lees ook dit artikel: 

https://kanker-actueel.nl/NL/achtergrond-en-werking-van-het-voedingssupplement-curcumine-kurkuma-dat-bij-zo-goed-als-alle-kankersoorten-en-naast-chemo-en-bestraling-een-bewezen-therapeutisch-effect-heeft.html

en lees dit artikel: 

https://kanker-actueel.nl/NL/curcuma-blijkt-een-verrassend-veelzijdig-natuurlijk-middel-dat-goed-effect-heeft-bij-veel-verschillende-kwalen-aldus-selma-timmer-medisch-journalist.html  via de PDF

6 september 2017: Hugo wees me op twee wetenschappelijke artikelen die de zogeheten biologische beschikbaarheid van curcuma - curcumine bespreken en die complementair werkende artsen en therapeuten kunnen helpen om een keuze te maken uit de grote keuze die er is voor curcuma - kurkuma. Ik plaats deze artikelen ongewijzigd en onder elkaar zonder verder commentaar. U kunt altijd reageren onder het artikel of ons vragen of opmerkingen sturen die we dan doorsturen naar een deskundig arts op dit gebied. 

Biologisch beschikbare Curcumine: (Separating science from verbosity)

Het staat vast dat de biologische beschikbaarheid van curcuminen uit de curcuma longa in het bloed laag is. Vanuit deze vaststelling zijn er in de afgelopen jaren veel nieuwe specifieke curcuma-composities ontwikkeld, waarin men met behulp van verschillende technologieën tracht de biologische beschikbaarheid van curcumine te verhogen.

Of deze “bioavailabilityrace” uiteindelijk ook (altijd) gaat leiden tot betere en gewenste effecten van alle “nieuwe varianten”, is nog maar zeer de vraag. De automatische gedachte nieuw, sneller of meer is beter ligt echter wel voor de hand. Het is juist daarom heel verstandig vooraf, soms zelfs per situatie, goed geïnformeerd te zijn om de twee onderstaande keuzes goed te kunnen maken:

  • Keuze tussen de hoog gedoseerde dikextracten, met een hoge hoeveelheid gestandaardiseerde curcuminen (bv. een kurkuma-extract van 500mg (20:1) met 95% curcuminoiden) en de curcumapreparaten, die speciaal ontwikkeld zijn voor een betere en/of snellere opname vanuit de darm

Natuurlijk vormt de biologische beschikbaarheid een belangrijk aspect van het metabolisme van het nutriënt, maar het concept mag niet alleen gebruikt worden voor marketingdoeleinden. Een blind inzetten op uitsluitend een toename van de biologische beschikbaarheid van Curcumine zal zeer waarschijnlijk niet het beste uit het kruid naar voren halen. De kans bestaat zelfs dat er schadelijke effecten ontstaan, wanneer de biologische beschikbaarheid boven een bepaald niveau uitkomt. Curcuma is bovendien voor een belangrijk deel juist in het gastro-intestinum actief. Een te goede opname zou hier juist ongewenst zijn.

Een ander belangrijk punt hierbij is ook dat vrijwel alle literatuur omtrent curcuma, waarin gunstige effecten van curcuma zijn gevonden, het minder goed opneembare curcuma extract betreft. Of de beter opneembare preparaten ook daadwerkelijk effectief zijn, dan wel effectiever zijn dan de hoog gedoseerde curcuma-extracten is in veel gevallen niet of onvoldoende onderzocht. De therapiekosten per dag van de dikextracten zijn over het algemeen fors lager.

De aanwezigheid van synergistische eigenschappen van de verschillende bestanddelen in kruiden vormt tot slot een bekend en belangrijk aspect binnen het gebruik van kruiden in het algemeen. Daarom lijkt het aannemelijk dat het ruwe materiaal en/of juist het gewone alcoholische dikextract, uitgaande van de gehele plant, dan wel het gehele plantendeel, waarin zoveel mogelijk bestanddelen van de oorspronkelijke plant aanwezig zijn, de beste garantie vormen voor het verkrijgen van het gewenste effect.

  • Keuze tussen de verschillende technologieën waarmee de curcuminoiden sneller en/of beter opnemen vanuit de darmen, wanneer de keuze onverhoopt niet valt op de dikextracten

Het artikel “Bioavailable Curcumin: Separating science from verbo-sity”, (dit ingeven in google en naar hugyourlife.eu) helpt haar lezers om de tweede bovenbeschreven keuze beter te kunnen maken. Het laat bijvoorbeeld helder zien dat er best nog wel enkele kritische kanttekeningen zijn te plaatsen, bij het gebruik van bepaalde preparaten met een hogere biologische beschikbaarheid, op het terrein van o.a. veiligheid, onderzoek en toxiciteit.

Op een aantal vlakken gaat het artikel m.i. met betrekking tot bijvoorbeeld de metabolieten wel “iets te kort door de bocht” en trekt daardoor mogelijk een aantal verkeerde conclusies. Andere bronnen (Natura Foundation: monografie Curcuma longa) beschrijven bijvoorbeeld dat bij Curcuwin, dat een 46 hogere orale biologische beschikbaarheid t.o.v. standaard curcumine heeft, de gunstige metabolieten, waaronder het biologisch zeer actieve THC, dat in vivo krachtige anti-oxidatieve eigenschappen vertoont, behouden blijven. Bij Curcuwin worden verder stabielere bloedspiegelconcentraties verkregen, dank-zij een langere halfwaardetijd.

Kurkuma is een interessant en veelbelovend heilzaam kruid, dat het waard is om met veel aandacht bestudeerd te worden. Laten we proberen ervoor te waken dat de reeds aanwezige waarde vanuit de natuur, die het kruid maken tot wat het is, daarbij niet uit het oog wordt verloren.

Bronnen voor bovenstaand en onderstaand artikel:

1) Farmacotherapeutisch Kompas: farmacokinetiek (www.farmacotherapeutischkompas.nl)

2) Jäger et al, Nutrition Journal 2014, 13:11, comparative absorption of curcumin formulations.

3) Magnesium Research (2003) 16, 3, 183-191

Ook deze studie: Comparative absorption of curcumin formulations is gerelateerd aan dit onderwerp.

Curcuma: een discussie over bio-availability

Het onderzoek naar de opnameprocessen van stoffen in het menselijk lichaam is deels nog volop in ontwikkeling. Steeds meer informatie over deze processen komt beschikbaar en kan worden toegevoegd aan de kennis die al aanwezig is over andere parameters die mede bepalend zijn voor de mate van effectiviteit van deze stoffen, zoals bijvoorbeeld de dosering, standaardisatie of normering, toedieningsvorm, verbinding, bestaand onder-zoek, etc. Naast de farmacokinetiek, die op zichzelf al een veelvoud aan parameters herbergt, spelen veel andere factoren een rol bij het uiteindelijke te behalen eindresultaat.

Farmacokinetiek

In de farmacokinetiek 1) worden de processen, waaraan een werkzame stof in het lichaam wordt onderworpen, beschreven. Het levert daarmee een belangrijke bijdrage aan het inzicht in die processen, waardoor beter te voorspellen is wat het effect van een bepaalde stof op het lichaam zou kunnen zijn (zie afbeelding 1). Deze bovengenoemde processen zijn:

  • Absorptie
  • Distributie
  • Eliminatie

 

enterohepatische kringloop

                                                                                           

                                                                                              plasma-
Orale                                          eerste passage                         eiwitten

                                                                                                    -----------------

maagdarmkanaal                      lever                                                                           lever
maagdarmmucosa                   algemene                       eliminatie
                                               circulatie                      nieren

spierweefsel                                                                                                              
huid                                                                                                                           embryo/foetus
longen                                                                                                                       -------------------
slijmvlies van mond                  intra veneuze injectie                                                 weefsels
of rectum                                                                                                                   -------------------
                                                                                                                                   hersenen
Parenteraal (excl. i.v.)                                                                                                                                                                                 

Afbeelding 1: route van opgenomen stoffen in het lichaam

Afbeelding 1: route van opgenomen stoffen in het lichaam

Ook voedingssupplementen en kruiden bevatten één of meerdere actieve stoffen die in een bepaalde toedieningsvorm zijn verwerkt. In deze tekst gaan we iets dieper in op de absorptie.

Absorptie

In de meeste gevallen wordt voor supplementen en kruiden gekozen voor een opname, waarbij de werkzame stof vanuit de toedieningsvorm dient vrij te komen, om zich in opge-loste vorm, via passieve diffusie, gefaciliteerde passieve diffusie of via acfief transport (d.m.v. een carrier), te verplaatsen naar de circulatie: absorptie. Bij de absorptie worden de snelheid waarmee de werkzame stof wordt opgenomen en de mate van de opname onderscheiden.

De snelheid van absorptie is onder andere afhankelijk van de gebruikte toedieningsvorm, de toedieningsweg en de fysisch-chemische eigenschappen van de werkzame stof. Zo zal de op-name in de circulatie van vaste toedingsvormen trager verlopen dan die van opgeloste vor-men (druppels). Het uiteenvallen van de toedieningsvorm en het oplossen van de werkzame stof in het maag- of darmsap kost immers tijd. Voor (sub)chronisch toepassingen is een lang-zame absorptie echter meestal gunstig, omdat hierdoor de fluctuaties in de plasmaconcen-tratie kleiner zijn.

De mate van absorptie is dus een belangrijke kinetische parameter en bepaalt mede de grootte van de biologische beschikbaarheid (bio-availability), die aangeeft hoeveel % van de toegediende werkzame stof uiteindelijk de algemene circulatie bereikt en voor werking beschikbaar komt. De mate van absorptie en de biologische beschikbaarheid kunnen variëren tussen verschillende toedieningsvormen en kunnen worden beinvloed door een verandering in kinetische parameters zoals o.a. door zwangerschap, nierfunctiestoornissen, leverfunctie-stoornissen, etc.mOm werkzaam te zijn moet de actieve stof de plaats van werking, de biofase, kunnen bereiken. Zo wordt de werkzaamheid van bijv. antibiotica niet alleen bepaald door de plasmaconcentratie en de gevoeligheid van het micro-organisme, maar ook door de penetratie van het antibioticum in de infectiehaard.

Voor de uiteindelijke werking is het van belang dat er een bepaalde hoeveelheid werkzame stof bij de betreffende receptoren terechtkomt. Aangezien dit niet (altijd) meetbaar is, wordt in de praktijk als maat hiervoor de plasmaconcentratie gebruikt. Deze blijkt echter niet altijd samen te hangen met het uiteindelijke klinische effect (werking en bijwerkingen). En dit is zeker niet per definitie het geval wanneer er voor de werking van het betreffende kruid meerdere (onbekende) bestanddelen verantwoordelijk zijn of waneer er voor de bepaling van de bijwerking bij de eliminatie één of meer actieve metabolieten ontstaan, ieder met hun eigen klaring, verdelingsvolume en halfwaardetijd.

Curcuma: een discussie over bio-availability

Een goed voorbeeld daarvan vormt de huidige “hype” rondom Curcuma. Er is aangetoond dat een hoge dosis van een extract van curcuma met 95% curcuminoiden effectief is voor veel verschillende aspecten van gezondheid. Tegelijkertijd is goed gedocumenteerd dat de curcuminoiden vanuit dit extract, vanwege hun hydrofobe aard, niet goed absorberen in de bloedbaan. Ten minste 1800mg curcuninoiden zijn vereist voor detectie in bloedmonsters.

Veel bedrijven hebben daarom gekozen voor preparaten met een verbeterde absorptie, met het oog op een verhoging van de effectiviteit. Hoewel er wel al enkele onderzoeken zijn die voorzichtige positieve resultaten laten zien is het wellicht echter nog veel te vroeg om te kunnen stellen dat deze verbeterde opname een op een omgezet kan of mag worden naar een toegenomen effectiviteit. Sterker nog: vanuit de praktijk komen de eerste geluiden dat bij bepaalde toepassingen de effectiviteit van de beter opneembare vormen eerder afwezig blijft of afneemt.

Hierboven werd al duidelijk dat er los van de snelheid en de mate van absorptie (biologische beschikbaarheid) ook andere parameters bepalend zijn voor de werking. Wellicht zijn er, net als bij veel andere kruiden, (toch) meerdere bestanddelen uit de curcuma verantwoordelijk voor de gemeten totaaleffectiviteit van het curcumaextract met 95% curcuminoiden. Wanneer de opname van juist deze bestanddelen achterblijft bij die van de curcuminoiden wordt mogelijk de aanwezige synergistische activiteit, die verantwoordelijk was voor het oorspronkelijk gevonden effect doorbroken. Onderzoekers twijfelen er bovendien ook nog aan of de interssante THC’s wel de enige effectieve component vormen van de curcumine (onderdeel van de totaalcurcuminoiden).

Het antwoord op de vraag “is een meer biologisch beschikbare formule effectiever?” laat dus eigenlijk nog even op zich wachten 2). De onderbouwing vanuit onderzoek van de verschil-lende formules (fytosoom, olien, cyclodextrineen solubilisaat) is nog erg mager. Meer in vitro, in vivo of klinisch onderzoek is nodig om de effectiviteit van de verschillende vormen goed te onderbouwen. Goede vergelijkende studies waarin ook het curcumaextract met 95% curcuminoiden zijn meegenomen zijn op dit moment ook nog niet (voldoende) voorhanden. Alleen dat laatste onderzoek zal duidelijk kunnen maken dat de keuze voor een preparaat met goed opneembare curcuminoiden ook daadwerkelijk wetenschappelijk echt verant-woord is. Voor kruiden zijn verder in het algemeen een goede kennis over het te gebruiken extract, de bereidingsverhouding, de standaardisatie, de normering en de dosering van groot belang. Veel goede informatie hierover is terug te vinden op www.infofyto.nl

Beschikbaarheid van verbindingen

Ook als we het hebben over voedingssupplementen is het maken van een keuze niet zomaar vanzelfsprekend en is het bovenstaande  wederom van belang. Om dat duidelijk te maken wordt ook daarvoor een sprekend voorbeeld gekozen: magnesium.

In Europa, maar vooral in Nederland is de bodem zeer arm aan het mineraal magnesium. Met name het enorme gebruik aan kunstmest sinds de jaren 50 en de manier waarop onze voeding industrieel wordt verwerkt heeft ertoe geleid dat veel Nederlanders een magnesium tekort hebben opgebouwd. Wie de voeding wil (laten) aanvullen met een magnesiumsupple-ment, heeft nog steeds een ruime keus uit verschillende magnesiumverbindingen .

Organische verbindingen hebben doorgaans een hogere biologische beschikbaarheid dan anorganische verbindingen, waarvan magnesiumoxide het slechtse wordt opgenomen. Het lijkt erop dat van alle verbindingen magnesiumcitraat het beste wordt opgenomen. Natuur-lijk is het daarbij altijd van belang dat dergelijke uitspraken kunnen worden onderbouwd vanuit degelijk onderzoek. Een voorbeeld daarvan zijn bijvoorbeeld de resultaten uit een gerandomiseerde dubbelblind studie 3), waaruit bleek dat magnesiumcitraat een significant hogere biologische beschikbaarheid heeft als enkele andere magnesiumverbindingen.

Naast de keuze voor de verbinding is het ook van belang om goed te letten op de hoeveel-heid elementair magnesium. Het elementaire gehalte magnesium ligt in anorganische ver-bindingen juist over het algemeen hoger, hetgeen interessant kan zijn in bijvoorbeeld de toepassing binnen een multivitamine of –mineralenpreparaat, waarin de opname van de individuele elementen ondergeschikt kan zijnaan het aanbod van voldoende elementaire stof. Voor monopreparaten wordt eerder gekozen voor organische verbindingen, waarmee veelal ook de keuze voor een tablet of capsule eigenlijk gelijk vastligd. Een tablet kan nl. tot 2,5 gram stof bevatten, terwijl een capsule maximaal maar 900 mg van de volledige verbin-ding kan bevatten. Alleen tabletten kunnen dus voldoende bevatten om enigszins een acceptabel elementair gehalte per tablet te kunnen verkrijgen, hetgeen nodig is voor een goede compliance. Een verstandige afweging van alle opties, op basis van waar mogelijk “harde” gegevens en met het oog op het gewenste eindresultaat, is derhalve m.n. voor uw patient, van groot belang.

PAS OP DAT INNOVATIE NIET SLECHTS MARKETING IS.

GAAT U OOK VOOR HET MAXIMALE?

Bronnen voor bovenstaand en onderstaand artikel:

1) Farmacotherapeutisch Kompas: farmacokinetiek (www.farmacotherapeutischkompas.nl)

2) Jäger et al, Nutrition Journal 2014, 13:11, comparative absorption of curcumin formulations.

3) Magnesium Research (2003) 16, 3, 183-191

Ook deze studie: Comparative absorption of curcumin formulations is gerelateerd aan dit onderwerp.


Plaats een reactie ...

Reageer op "Is beter opneembare curcuma ook effectiever? Niet altijd want andere aspecten spelen ook een rol"


Gerelateerde artikelen