18 januari 2015: Bron: Published online before print December 29, 2014, doi: 10.1200/JCO.2013.54.4973 JCO December 29, 2014 JCO.2013.54.4973

Allogene stamceltransplantatie (met donor stamcellen) geeft langere recidiefvrije overleving en betere overall overleving bij patiënten met NPM1-mutatie van acute myeloïde leukemie (AML). De onderzoekers concluderen dat een NPM1 mutatie wordt geassocieerd met een gunstiger prognose bij  acute myeloïde leukemie (AML). Ook de overall overleving was bij de donorgroep beduidend beter, maar niet statistisch significant omdat patiënten uit de niet-donorgroep goed reageerden op palliatieve behandeling. Maar wie de cijfers bekijkt uit de studie ziet dat een allogene stamceltransplantatie bij AML met de specifieke NPM1 mutatie echt veel betere resultaten geeft. Alle reden dus om vooraf aan een allogene stamceltransplantatie ook de eventuele mutaties te meten. 

stamceltransplantatie beeld

Stamcel vergaring

Studieresultaten: 
In deze studie werden 304 patiënten in de studie SAL-AML 2003 (N = 1179, 18-60 jaar oud) opgenomen  die een vorm van AML hadden met een NPM1-mutatie met een intermediair risico van het zogeheten karyotype. Van deze patiënten hadden er 77 patiënten een broer of zus donor met een HLA-identieke  stamcellen en kwamen daardoor in aanmerking voor een allogene stamceltransplantatie; 227 patiënten hadden geen familie donor en kregen een consolidatie behandeling of een autologe stamceltransplantatie (donor van buitenaf).

Bij een meting na drie jaar bleek de ziektevrije overleving 71% bij patiënten uit de familiaire  donor groep versus 47% in de niet-donor groep (P = 0,005);

3-jaars overleving was 70% versus 60% (p = 0,114). Onder de 148 patiënten met een normaal karyotype en geen FLT3 interne tandem duplicatie, was de 3-jaar ziektevrije overleving  83% versus 53% (p = 0,004), en totale  3-jaars overleving voor alle patiënten was 81% versus 75% (p = 0,300 ).

Conclusie:
De onderzoekers concluderen: "Allogene leidde tot een significant verlengde recidief-vrije overleving bij patiënten met AML  met een NPM1 -mutatie. Het ontbreken van een statistisch significant verschil in overall overleving is waarschijnlijk een gevolg van het feit dat de patiënten met een NPM1 -mutatie die een terugval ervaarden goed reageerden  op een palliatieve behandeling. Een allogene stamceltransplantatie heeft in eerste remissie een krachtige antileukemische werkzaamheid en is een waardevolle behandelingsoptie voor patiënten met NPM1 -mutante AML met een broer of zus als donor. "

Het volledige studieverslag: Allogeneic Stem-Cell Transplantation in Patients With NPM1-Mutated Acute Myeloid Leukemia: Results From a Prospective Donor Versus No-Donor Analysis of Patients After Upfront HLA Typing Within the SAL-AML 2003 Trial kunt u tegen betaling inzien.

Hier het abstract van deze studie:

Allogeneic SCT led to a significantly prolonged RFS in patients with NPM1mut AML. The absence of a statistically significant difference in OS is most likely a result of the fact that NPM1mut patients who experienced relapse responded well to salvage treatment.

Allogeneic Stem-Cell Transplantation in Patients With NPM1-Mutated Acute Myeloid Leukemia: Results From a Prospective Donor Versus No-Donor Analysis of Patients After Upfront HLA Typing Within the SAL-AML 2003 Trial

  1. Gerhard Ehninger

+ Author Affiliations

  1. Christoph Röllig, Martin Bornhäuser, Michael Kramer, Christian Thiede, Uwe Platzbecker, Martin Wermke, Friedrich Stölzel, Malte von Bonin, Markus Schaich, Johannes Schetelig, and Gerhard Ehninger, Medizinische Klinik und Poliklinik I, Universitätsklinikum der Technischen Universität Dresden; Johannes Schetelig, DKMS, German Bone Marrow Donor Center, Dresden; Anthony D. Ho and Alwin Krämer, Medizinische Universitätsklinik, Abteilung Innere Medizin V, Heidelberg; Kerstin Schäfer-Eckart and Hannes Wandt, 5. Medizinische Klinik, Klinikum Nürnberg, Nürnberg; Mathias Hänel, Klinik für Innere Medizin III, Klinikum Chemnitz, Chemnitz; Hermann Einsele, Medizinische Klinik und Poliklinik II, Universitätsklinikum Würzburg, Würzburg; Walter E. Aulitzky, Robert-Bosch-Krankenhaus, Stuttgart; Norbert Schmitz, Abteilung für Hämatologie, Onkologie und Stammzelltransplantation, ASKLEPIOS Klinik St Georg, Hamburg; Wolfgang E. Berdel, Matthias Stelljes, and Utz Krug, Medizinische Klinik A, Universitätsklinikum Münster, Münster; Carsten Müller-Tidow, Universitätsklinik und Poliklinik für Innere Medizin IV, Universitätsklinikum Halle, Halle (Saale); Claudia D. Baldus, Medizinische Klinik III, Charité–Universitätsmedizin Berlin, Charité Centrum 14, Campus Benjamin Franklin, Berlin; Stefan W. Krause, Medizinische Klinik 5, Universitätsklinikum Erlangen, Erlangen; and Hubert Serve, Medizinische Klinik II, Universitätsklinikum Frankfurt, Frankfurt, Germany.
  1. Corresponding author: Christoph Röllig, MD, Medizinische Klinik und Poliklinik I, Universitätsklinikum “Carl Gustav Carus,” Fetscherstr 74, 01307 Dresden, Germany; e-mail: christoph.roellig@uniklinikum-dresden.de.
  1. Presented in part at the 53rd Annual Meeting of the American Society of Hematology, December 10-13, 2011, San Diego, CA.

Abstract

Purpose The presence of a mutated nucleophosmin-1 gene (NPM1mut) in acute myeloid leukemia (AML) is associated with a favorable prognosis. To assess the predictive value with regard to allogeneic stem-cell transplantation (SCT), we compared the clinical course of patients with NPM1mut AML eligible for allogeneic SCT in a donor versus no-donor analysis.

Patients and Methods Of 1,179 patients with AML (age 18 to 60 years) treated in the Study Alliance Leukemia AML 2003 trial, we identified all NPM1mut patients with an intermediate-risk karyotype. According to the trial protocol, patients were intended to receive an allogeneic SCT if an HLA-identical sibling donor was available. Patients with no available donor received consolidation or autologous SCT. We compared relapse-free survival (RFS) and overall survival (OS) depending on the availability of a suitable donor.

Results Of 304 eligible patients, 77 patients had a sibling donor and 227 had no available matched family donor. The 3-year RFS rates in the donor and no-donor groups were 71% and 47%, respectively (P = .005); OS rates were 70% and 60%, respectively (P = .114). In patients with normal karyotype and no FLT3 internal tandem duplication (n = 148), the 3-year RFS rates in the donor and no-donor groups were 83% and 53%, respectively (P = .004); and the 3-year OS rates were 81% and 75%, respectively (P = .300).

Conclusion Allogeneic SCT led to a significantly prolonged RFS in patients with NPM1mut AML. The absence of a statistically significant difference in OS is most likely a result of the fact that NPM1mut patients who experienced relapse responded well to salvage treatment. Allogeneic SCT in first remission has potent antileukemic efficacy and is a valuable treatment option in patients with NPM1mut AML with a sibling donor.

Footnotes

  • See accompanying editorial doi: 10.1200/JCO.2014.58.6818

  • Clinical trial information: NCT00180102.

  • Terms in blue are defined in the glossary, found at the end of this article and online at www.jco.org.

  • Authors' disclosures of potential conflicts of interest and author contributions are found at the end of this article.

  • Written on behalf of the Study Alliance Leukemia.

  • Glossary Terms

    NPM1:
    gene coding for nucleophosmin (also called nucleolar phosphoprotein B23 ), which is primarily localized in the nucleolus of the nucleus. It contains an N-terminus oligomerization domain, a metal-binding site, two acid-rich domains, and two nuclear localization signals in the C-terminus of the protein. It is an RNA-binding phosphoprotein involved in the assembly of ribosomal proteins into ribosomes and the transport of ribonucleoproteins between the cellular compartments. The gene is involved in several tumor-associated chromosome translocations.

Plaats een reactie ...

Reageer op "AML - acute myeloïde leukemie: Allogene stamceltransplantatie (met donor stamcellen) geeft langere recidiefvrije overleving en betere overall overleving bij patiënten met NPM1-mutatie van acute myeloïde leukemie (AML)"


Gerelateerde artikelen