Aan dit artikel is enkele uren gewerkt. Opzoeken, vertalen, plaatsen enz. Als u ons wilt ondersteunen dan kan dat via een al of niet anonieme donatie. Elk bedrag is welkom hoe klein ook. Klik hier als u ons wilt helpen kanker-actueel online te houden. Wij zijn een ANBI organisatie dus uw donatie is aftrekbaar voor de belasting.

1 juni 2012: Bron: N Engl J Med. 2012;366:2074-2084

Chemo plus bestraling voordat een operatie wordt uitgevoerd verbetert significant de kansen op uiteindelijke overleving bij patiënten met potentieel te genezen slokdarmkanker in vergelijking met alleen operatie. Dit blijkt uit de resultaten van een groot Nederlands gerandomiseerd onderzoek bij totaal 366 patiënten met slokdarmkanker of kanker aan de verbinding tussen slokdarm en maag. 

De mediane algehele overleving bedroeg 49,4 maanden met chemo plus radiotherapie plus operatie (n = 178) en 24,0 maanden met chirurgie alleen (n = 188). Patiënten behandeld met vooraf aan een operatie chemo en bestraling hadden een 34% lager risico op overlijden (hazard ratio, 0,657, P = 0,003) tijdens een gemiddelde studie follow-up van 45,4 maanden. De studie is uitgevoerd onder leiding van dr. Ate van der Gaast,  van het Erasmus Universitair Medisch Centrum in Rotterdam. De studie is gepubliceerd in het New England Journal of Medicine van deze week.

De chemo die in deze studie werd gebruikt waren carboplatin en paclitaxel, maar volgens dr. van der Gaast zouden andere chemo's, zoals cisplatine en 5-fluorouracil ook kunnen worden overwogen. Zie in linkerkolom een andere Franse studie die zelfde resultaten laat zien met cisplatin en 5-fluorouracil. Belangrijker is dat de patiënten die een preoperatieve behandeling kregen geen grotere kans op vroegtijdig sterven hadden, in vergelijking met patiënten die alleen zijn behandeld met chirurgie. In feite waren de bijwerkingen aanvaardbaar en controleerbaar, aldus dr. van der Gaast.

Resultaten van het onderzoek

In de studie werden patiënten met operabele tumoren (adenocarcinoom of plaveiselcelcarcinoom) in de slokdarm of op de verbinding tussen maag en slokdarm willekeurig ingedeeld in twee groepen. Groep 1 kreeg alleen een operatie. Groep 2 kreeg vooraf aan een operatie wekelijkse toediening van carboplatin (2 mg / ml per minuut ) en paclitaxel (50 mg / m² gebaseerd op de lichaamsomvang) gedurende 5 weken en gelijktijdig radiotherapie (41,4 Gy in 23 fracties, 5 dagen per week). Bij groep 2 werd daarna alsnog een operatie uitgevoerd.  

Patiënten uit groep 1, dus de patiënten die vooraf chemo en bestraling hadden gekregen bereikten een duidelijk betere overall overleving tijdens de studieduur van gemiddeld 45,8 maanden dan de patiënten die alleen een operatie hadden gehad. Zie onderstaand schema.

Mediaan overall overleving in de 2 groepen

Follow-Up Chemo + radiotherapie plus operatie
Operatie alleen
1 jaar
82% 70%
2 jaar
67% 50%
3 jaar
58% 44%
5 jaar
47% 34%



Volledige resectie met geen tumor binnen 1 mm van de resectie marges werd bereikt bij 148 van de 161 patiënten (92%) die waren behandeld met chemo plus radiotherapie plus operatie en bij 111 van de 161 patiënten (69%) die behandeld werden met alleen chirurgie (P <.001). Een pathologisch complete respons, dus klinisch kankervrij, werd waargenomen in het weggehaalde tumorweefsel van 47 patiënten (29%) behandeld met chemo plus radiotherapie plus operatie. Een pathologisch complete respons werd waargenomen bij 28 van de 121 patiënten (23%)
met een adenocarcinoom en bij 18 van de 37 patiënten (49%) met een plaveiselcelcarcinoom (P = 0,008). Ondanks betere cijfers van een pathologische complete respons bij patiënten met een plaveiselcelcarcinoom, bleek deze toch geen voorspellende factor voor de kansen op overall overleving, Bij patiënten met beide soorten van kanker waren de uitkomsten voor de chemo plus bestraling plus operatie gelijk.

Gemiddeld werden 15 lymfeklieren weggehaald bij patiënten behandeld met chemo plus radiotherapie plus operatie en er werden gemiddeld 18 lymfeklieren weggehaald bij patiënten behandeld met alleen chirurgie (p = 0,77).  Zo zijn er 1 of meer positieve lymfeklieren gevonden bij 50 patiënten (31%) behandeld met chemo plus radiotherapie plus chirurgie en bij 120 patiënten (75%) behandeld met alleen chirurgie (P <.001).

De meest voorkomende hematologische bijwerkingen bij patiënten behandeld met chemo plus radiotherapie plus operatie waren leukopenie (6%) en neutropenie (2%). De meest voorkomende niet hematologische bijwerkingen waren vermagering (5%) en vermoeidheid (3%).

Hier het abstract van de studie. als u hier kllikt kunt u het volledige studie rapport tegen betaling inzien. U kunt natuurlijk ook informeren bij het Erasmus Medisch Centrum bij dr. Ate van der Gaast.

Preoperative chemoradiotherapy improved survival among patients with potentially curable esophageal or esophagogastric-junction cancer.

Background

The role of neoadjuvant chemoradiotherapy in the treatment of patients with esophageal or esophagogastric-junction cancer is not well established. We compared chemoradiotherapy followed by surgery with surgery alone in this patient population.

Methods

We randomly assigned patients with resectable tumors to receive surgery alone or weekly administration of carboplatin (doses titrated to achieve an area under the curve of 2 mg per milliliter per minute) and paclitaxel (50 mg per square meter of body-surface area) for 5 weeks and concurrent radiotherapy (41.4 Gy in 23 fractions, 5 days per week), followed by surgery.

Results

From March 2004 through December 2008, we enrolled 368 patients, 366 of whom were included in the analysis: 275 (75%) had adenocarcinoma, 84 (23%) had squamous-cell carcinoma, and 7 (2%) had large-cell undifferentiated carcinoma. Of the 366 patients, 178 were randomly assigned to chemoradiotherapy followed by surgery, and 188 to surgery alone. The most common major hematologic toxic effects in the chemoradiotherapy–surgery group were leukopenia (6%) and neutropenia (2%); the most common major nonhematologic toxic effects were anorexia (5%) and fatigue (3%). Complete resection with no tumor within 1 mm of the resection margins (R0) was achieved in 92% of patients in the chemoradiotherapy–surgery group versus 69% in the surgery group (P<0.001). A pathological complete response was achieved in 47 of 161 patients (29%) who underwent resection after chemoradiotherapy. Postoperative complications were similar in the two treatment groups, and in-hospital mortality was 4% in both. Median overall survival was 49.4 months in the chemoradiotherapy–surgery group versus 24.0 months in the surgery group. Overall survival was significantly better in the chemoradiotherapy–surgery group (hazard ratio, 0.657; 95% confidence interval, 0.495 to 0.871; P=0.003).

Conclusions

Preoperative chemoradiotherapy improved survival among patients with potentially curable esophageal or esophagogastric-junction cancer. The regimen was associated with acceptable adverse-event rates. 

Source Information

The authors' full names, degrees, and affiliations are listed in the Appendix.

Address reprint requests to Dr. van der Gaast at the Department of Medical Oncology, Erasmus University Medical Center/Daniel den Hoed Cancer Center, P.O. Box 2040, 3000 CA Rotterdam, the Netherlands, or at .

The members of the Chemoradiotherapy for Oesophageal Cancer Followed by Surgery Study (CROSS) Group are listed in the Supplementary Appendix, available at NEJM.org.

Appendix

The authors' full names and degrees are as follows: Pieter van Hagen, M.D., Maarten C.C.M. Hulshof, M.D., Ph.D., Joseph J.B. van Lanschot, M.D., Ph.D., Ewout W. Steyerberg, Ph.D., Mark I. van Berge Henegouwen, M.D., Ph.D., Bas P.L. Wijnhoven, M.D., Ph.D., Dirk J. Richel, M.D., Ph.D., Grard A.P. Nieuwenhuijzen, M.D., Ph.D., Geke A.P. Hospers, M.D., Ph.D., Johannes J. Bonenkamp, M.D., Ph.D., Miguel A. Cuesta, M.D., Ph.D., Reinoud J.B. Blaisse, M.D., Olivier R.C. Busch, M.D., Ph.D., Fiebo J.W. ten Kate, M.D., Ph.D., Geert-Jan Creemers, M.D., Ph.D., Cornelis J.A. Punt, M.D., Ph.D., John T.M. Plukker, M.D., Ph.D., Henk M.W. Verheul, M.D., Ph.D., Ernst J. Spillenaar Bilgen, M.D., Ph.D., Herman van Dekken, M.D., Ph.D., Maurice J.C. van der Sangen, M.D., Tom Rozema, M.D., Katharina Biermann, M.D., Ph.D., Jannet C. Beukema, M.D., Anna H.M. Piet, M.D., Caroline M. van Rij, M.D., Janny G. Reinders, M.D., Hugo W. Tilanus, M.D., Ph.D., and Ate van der Gaast, M.D., Ph.D.

The authors' affiliations are as follows: the Departments of Surgery (P.H., J.J.B.L., B.P.L.W., H.W.T.), Public Health (E.W.S.), Pathology (F.J.W.K., H.D., K.B.), and Radiation Oncology (C.M.R.), Erasmus University Medical Center, and the Department of Medical Oncology, Erasmus University Medical Center/Daniel den Hoed Cancer Center (A.G.), Rotterdam; the Departments of Radiation Oncology (M.C.C.M.H.), Surgery (J.J.B.L., M.I.B.H., O.R.C.B.), Medical Oncology (D.J.R.), and Pathology (F.J.W.K.), Academic Medical Center Amsterdam, the Departments of Surgery (M.A.C.), Medical Oncology (H.M.W.V.), and Radiation Oncology (A.H.M.P.), VU Medical Center Amsterdam, and the Department of Pathology, St. Lucas Andreas Hospital Amsterdam (H.D.), Amsterdam; the Departments of Surgery (G.A.P.N.), Medical Oncology (G.-J.C.), and Radiation Oncology (M.J.C.S.), Catharina Hospital Eindhoven, Eindhoven; the Departments of Medical Oncology (G.A.P.H.), Surgery (J.T.M.P.), and Radiation Oncology (J.C.B.), University Medical Center Groningen, Groningen; the Departments of Surgery (J.J.B.), Medical Oncology (C.J.A.P.), and Radiation Oncology (T.R.), Radboud University Nijmegen Medical Center, Nijmegen; the Departments of Medical Oncology (R.J.B.B.) and Surgery (E.J.S.B.), Rijnstate Hospital Arnhem, and Arnhem Radiotherapeutic Institute (J.G.R.), Arnhem; and Verbeeten Institute Tilburg, Tilburg (T.R.) — all in the Netherlands.


Plaats een reactie ...

Reageer op "Chemo plus bestraling voordat een operatie wordt uitgevoerd verbetert significant de kansen op uiteindelijke overleving bij patienten met potentieel te genezen slokdarmkanker in vergelijking met alleen operatie."


Gerelateerde artikelen