Aan dit artikel is enkele uren gewerkt. Opzoeken, vertalen, plaatsen enz. Als u ons wilt ondersteunen dan kan dat via een al of niet anonieme donatie. Elk bedrag is welkom hoe klein ook. Klik hier als u ons wilt helpen kanker-actueel online te houden Wij zijn een ANBI organisatie en dus is uw donatie aftrekbaar voor de belasting.

28 december 2011 Bron: Medscape en N Engl J Med. 2011;365:2473-2496

Op basis van slechts twee gerandomiseerde fase III studies, die beiden nog niet zijn afgerond en de resultaten tussen de twee studies erg verschillend en ook beperkt zijn heeft de Europese medische commissie Bevacizumab - Avastin goedgekeurd als officieel medicijn naast chemo (paclitaxel - carboplatin) bij patiënten met gevorderde eierstokkanker. De progressievrije ziektetijd bleek enkele maanden te worden verlengd, maar over de mediane overall overleving kunnen nog geen cijfers worden getoond omdat de studies nog minimaal 2 jaar langer zijn gepland voorat een eind evaluatie kan worden gemaakt. Zoals dat ook enkele jaren geleden gebeurde bij borstkanker wordt daarover een schatting gemaakt.
We weten inmiddels allemaal hoe het met Avastin - Bevacizumab bij borstkanker is afgelopen, klik hier voor beslissing van de FDA om goekeuring voor Avastin - Bevacizumab voor borstkanker in te trekken.

Het is toch ongelooflijk dat dit allemaal maar zo kan. Beide studies werden gepubliceerd in het december nummer van het New England Journal of Medicine. In de Volkskrant stond afgelopen dagen een column over de betrouwbaarheid van de wetenschap n.a.v. de kwestie van de Nederlandse hoogleraar Stapel, maar als ik dit allemaal zo lees dan vertrouw ik echt geen enkele
wetenschapper meer, noch de instanties die moeten toezien op objectieve correcte wetenschap. Onderaan staan de twee abstracten en in onderstaand artikel kunt u doorklikken naar de studie registraties

Medscape analyseerde de twee studies wat meer in detail en dan blijken deze op z'n minst een aantal vragen op te roepen:

De twee studies verschilden op een aantal manieren in opzet, maar ook in resultaat. In beide studies werd onderzocht wat de toevoeging van Bevacizumab - Avastin aan standaard chemotherapie in een eerstelijns behandeling van eierstokkanker zou betekenen.

De eerste studie de zogeheten GOG0218 studie werd uitgevoerd bij totaal 1873 patiënten in totaal 336 ziekenhuizen voornamelijk in de Verenigde Staten, maar ook in Canada, Zuid-Korea en Japan.
In de GOG0218 studie werd bevacizumab - avastin gegeven aanvullend op chemo (carboplatin en paclitaxel) tijdens en tot 10 maanden na de chemotherapie. De mediane progressievrije tijd (PFA) werd verlengd met 3,8 maanden bij patiënten met gevorderd epitheliaal ovariumcarcinoom (fase III en IV), die allemaal eerder al eens waren geopereerd. Let wel hier wordt dus niet gesproken over mediane overlevingscijfers, maar slechts over de tijd dat de ziekte niet erger werd. De mediane progressievrije tijd (PFS) bedroeg 10,3 maanden in de controlegroep die alleen chemo had gekregen en 14,1 maanden in de groep die chemotherapie plus bevacizumab - avastin hadden gerkregen. gedurende een langere behandelingsperiode. De hazard ratio (HR) tot aan progressie of overlijden was 0.717 (95% betrouwbaarheidsinterval , 0,625 tot 0,824,  P <0.001). De mediane follow-up was 17,4 maanden.

In de tweede studie, de zogeheten ICON7 studie, werden andere minder klinkende resultaten gemeld. Aan deze studie deden 1528 vrouwen mee verdeeld over 263 internationale ziekenhuizen. 70 procent van de deelnemende patiënten had een vergevorderd stadium van kanker, 21 procent had geen zichtbare ziekte, een aantal patiënten behoorde wel tot een hoog risicogroep, en 9% had beginnende eierstokkanker.
In deze studie bleek mediaan de progressie vrije tijd (PFS) na 36 maanden 20,3 maanden met standaard chemo therapie en 21,8 maanden met de standaard chemo therapie plus bevacizumab (Hazard ratio tot aan progressie of dood met bevacizumab toegevoegd: 0,81, 95% BI, 0,70 tot 0,94, P =. 004). Wie kijkt naar de bijwerkingen en ook hier het ontbreken van mediaan feitelijke overall overlevingscijfers kan toch niet blij zijn met een winst van zegge en schrijve 1,5 maand verlengde ziektevrije tijd. De onderzoekers van deze studie merken er ook nog bij op dat na 12 maanden het verschil in progressie vrije tijd hoger lag maar in de loop van de studietijd kropen de cijfers steeds verder naar elkaar toe. De onderzoekers hebben nu 3 jaar als meetpunt genomen, maar het uiteindelijke doel is te meten na 5 jaar.

Totale overleving en bijwerkingen

De uitkomsten van overall overleving waren ook verschillend in de twee studies. In de GOG0218 studie was het primaire einddoel progressie vrije tijd (PFS) te meten, maar ook de overleving.  Op het moment van de studie analyse (mediane follow-up, 17,4 maanden), was 76,3% van de patiënten nog in leven, met geen significante verschillen in de totale overleving tussen beide groepen. Dus zowel voor de groep die alleen chemo kreeg en voor de groep die aanvullend bevacizumab kreeg bleken die overlevingscijfers min of meer gelijk te liggen.

In  de ICON7 studie was de progressie vrije tijd (PFS)  een secundair doel en de overall overleving een primair doel. Maar zeggen de onderzoekers die gegevens zijn nog niet definitief en worden verwacht in 2013. Echter, in hun tussenevaluatie melden de onderzoekers dat de 1-jaars overleving 92% was in de bevacizumab groep en 86% in de standaard therapie groep
(HR, 0,85, 95% BI, 0,69 tot 1,04; P = 0,11). Maar dit is dus pas na 1 jaar, terwijl de studie 5 jaar duurt. .

De meest opvallende bijwerkingen waren in de groep die bevacizumab avastin had gekregen verhoogde bloeddruk en darmperforatie. Bijvoorbeeld, in de GOG0218 studie was het percentage van patiënten die behandeld moesten worden voor verhoogde bloeddruk in de bevacizumab- - avastin groep veel hoger (22,9%) dan in de controlegroep die alleen chemo had gekregen (7,2%). Darmproblemen waaronder dus ook een darmperforatie waarvoor patiënten een medische interventie nodig hadden bleek bij 1,2% nodig in de controlegroep en bij 2,6% van de patiënten in de bevacizumab - avastin groep..

Al met al dus nou niet bepaald indrukwekkende cijfers. Maar het is Roche de producent van Bevacizumab - Avastin dus weer gelukt om de Europese Medische Commissie zover te krijgen om goedkeuring te geven voor het gebruik van dit marketing medicijn bij eierstokkanker.

Angiogenesis plays a role in the biology of ovarian cancer. We examined the effect of bevacizumab, the vascular endothelial growth factor inhibitor, on survival in women with this disease

Source: The New England Journal of Medicine

A Phase 3 Trial of Bevacizumab in Ovarian Cancer

Timothy J. Perren, M.D., Ann Marie Swart, M.D., Jacobus Pfisterer, M.D., Jonathan A. Ledermann, M.D., Eric Pujade-Lauraine, M.D., Gunnar Kristensen, M.D., Mark S. Carey, M.D., Philip Beale, M.D., Andrés Cervantes, M.D., Christian Kurzeder, M.D., Andreas du Bois, M.D., Jalid Sehouli, M.D., Rainer Kimmig, M.D., Anne Stähle, M.D., Fiona Collinson, M.D., Sharadah Essapen, M.D., Charlie Gourley, M.D., Alain Lortholary, M.D., Frédéric Selle, M.D., Mansoor R. Mirza, M.D., Arto Leminen, M.D., Marie Plante, M.D., Dan Stark, M.D., Wendi Qian, Ph.D., Mahesh K.B. Parmar, Ph.D., and Amit M. Oza, M.D. for the ICON7 Investigators

N Engl J Med 2011; 365:2484-2496December 29, 2011

Background

Angiogenesis plays a role in the biology of ovarian cancer. We examined the effect of bevacizumab, the vascular endothelial growth factor inhibitor, on survival in women with this disease.

Methods

We randomly assigned women with ovarian cancer to carboplatin (area under the curve, 5 or 6) and paclitaxel (175 mg per square meter of body-surface area), given every 3 weeks for 6 cycles, or to this regimen plus bevacizumab (7.5 mg per kilogram of body weight), given concurrently every 3 weeks for 5 or 6 cycles and continued for 12 additional cycles or until progression of disease. Outcome measures included progression-free survival, first analyzed per protocol and then updated, and interim overall survival.

Results

A total of 1528 women from 11 countries were randomly assigned to one of the two treatment regimens. Their median age was 57 years; 90% had epithelial ovarian cancer, 69% had a serous histologic type, 9% had high-risk early-stage disease, 30% were at high risk for progression, and 70% had stage IIIC or IV ovarian cancer. Progression-free survival (restricted mean) at 36 months was 20.3 months with standard therapy, as compared with 21.8 months with standard therapy plus bevacizumab (hazard ratio for progression or death with bevacizumab added, 0.81; 95% confidence interval, 0.70 to 0.94; P=0.004 by the log-rank test). Nonproportional hazards were detected (i.e., the treatment effect was not consistent over time on the hazard function scale) (P<0.001), with a maximum effect at 12 months, coinciding with the end of planned bevacizumab treatment and diminishing by 24 months. Bevacizumab was associated with more toxic effects (most often hypertension of grade 2 or higher) (18%, vs. 2% with chemotherapy alone). In the updated analyses, progression-free survival (restricted mean) at 42 months was 22.4 months without bevacizumab versus 24.1 months with bevacizumab (P=0.04 by log-rank test); in patients at high risk for progression, the benefit was greater with bevacizumab than without it, with progression-free survival (restricted mean) at 42 months of 14.5 months with standard therapy alone and 18.1 months with bevacizumab added, with respective median overall survival of 28.8 and 36.6 months.

Conclusions

Bevacizumab improved progression-free survival in women with ovarian cancer. The benefits with respect to both progression-free and overall survival were greater among those at high risk for disease progression. (Funded by Roche and others; ICON7 Controlled-Trials.com number, ISRCTN91273375.)

Supported by Roche and the National Institute for Health Research, through the National Cancer Research Network.

Disclosure forms provided by the authors are available with the full text of this article at NEJM.org.

This article (10.1056/NEJMoa1103799) was updated on December 29, 2011, at NEJM.org.

We thank the women who participated in the trial and their families, Cancer Research U.K. (C2113/A6865) for peer review of the ICON7 trial proposal, the participating Gynecologic Cancer InterGroup groups (Arbeitsgemeinschaft Gynaekologische Onkologie Studiengruppe Ovarialkarzinom [AGO-OVAR], Australia New Zealand Gynaecological Oncology Group , Grupo Español de Investigaciõn en Cancer de Ovario , Association de Recherche sur les Cancers dont Gynécologiques–Groupe d'Investigateurs Nationaux pour l'Etude des Cancers Ovariens et du Sein [ARCAGY–GINECO], Medical Research Council–National Cancer Research Institute [MRC–NCRI], Nordic Society for Gynecologic Oncology , and NCIC Clinical Trials Group ), and the 263 clinical sites and their staff.

Source Information

The authors' affiliations are listed in the Appendix.

Address reprint requests to Dr. Parmar at MRC CTU, Aviation House, 125 Kingsway, London WL2B 6NH, United Kingdom, or at .

Additional investigators participating in the International Collaboration on Ovarian Neoplasms (ICON7) are listed in the Supplementary Appendix, available at NEJM.org.

Appendix

The authors' affiliations are as follows: From St. James's Institute of Oncology, St. James's University Hospital (T.J.P., F.C.), and Leeds Institute of Molecular Medicine (D.S.), Leeds; St. Luke's Cancer Center, Royal Surrey County National Health Service (NHS) Foundation Trust, Guildford (S.E.); and Cambridge Cancer Trials Center, Cambridge University Hospitals NHS Foundation Trust, Cambridge (W.Q.) — all in the United Kingdom; the Medical Research Council Clinical Trials Unit (A.M.S., W.Q., M.K.B.P.) and University College London Biomedical Research Centre, University College London Hospitals (J.A.L.) — both in London; Städtischen Klinikum Solingen, Klinik für Gynäkologie und Geburtshilfe, Solingen (J.P.), Universitätsklinikum Ulm, Ulm (C.K.), Dr. Horst Schmidt Klinik, Wiesbaden (A.B.); Universitätsklinikum Essen, Essen (R.K.); and St. Vincentius Kliniken, Karlsruhe (A.S.) — all in Germany; Université Paris Descartes, Assistance Publique–Hôpitaux de Paris, Hôpitaux Universitaires Paris Centre, Paris (E.P.-L.); the Department of Gynecologic Oncology and Institute of Medical Informatics, Oslo University Hospital, Oslo (G.K.); the Department of Obstetrics and Gynecology, University of British Columbia, Vancouver (M.S.C.), and the Department of Obstetrics and Gynecology, Laval University, Quebec, QC (M.P.) — both in Canada; Australia New Zealand Gynaecological Oncology Group, Camperdown, NSW, Australia (P.B.); the Department of Hematology and Medical Oncology, Institute of Health Research Hospital Clinico, University of Valencia, Valencia, Spain (A.C.); Charité Campus Virchow-Klinikum, Berlin (J.S.); the University of Edinburgh Cancer Research Centre, Institute of Genetics and Molecular Medicine, Edinburgh (C.G.); Centre Catherine de Sienne, Nantes (A. Lortholary); and Service d'Oncologie Medicale, Assistance Publique–Hôpitaux de Paris, Hôpital Tenon, Paris (F.S.) — both in France; the Department of Oncology, Rigshospitalet, Copenhagen (M.R.M.); the Women's Clinic, Helsinki University Central Hospital, Helsinki (A. Leminen); and the Princess Margaret Hospital, Toronto (A.M.O.).

Incorporation of Bevacizumab in the Primary Treatment of Ovarian Cancer

Source: The New England Journal of Medicine 

Incorporation of Bevacizumab in the Primary Treatment of Ovarian Cancer

Robert A. Burger, M.D., Mark F. Brady, Ph.D., Michael A. Bookman, M.D., Gini F. Fleming, M.D., Bradley J. Monk, M.D., Helen Huang, M.S., Robert S. Mannel, M.D., Howard D. Homesley, M.D., Jeffrey Fowler, M.D., Benjamin E. Greer, M.D., Matthew Boente, M.D., Michael J. Birrer, M.D., Ph.D., and Sharon X. Liang, M.D. for the Gynecologic Oncology Group

N Engl J Med 2011; 365:2473-2483December 29, 2011

Background

Vascular endothelial growth factor is a key promoter of angiogenesis and disease progression in epithelial ovarian cancer. Bevacizumab, a humanized anti–vascular endothelial growth factor monoclonal antibody, has shown single-agent activity in women with recurrent tumors. Thus, we aimed to evaluate the addition of bevacizumab to standard front-line therapy.

Methods

In our double-blind, placebo-controlled, phase 3 trial, we randomly assigned eligible patients with newly diagnosed stage III (incompletely resectable) or stage IV epithelial ovarian cancer who had undergone debulking surgery to receive one of three treatments. All three included chemotherapy consisting of intravenous paclitaxel at a dose of 175 mg per square meter of body-surface area, plus carboplatin at an area under the curve of 6, for cycles 1 through 6, plus a study treatment for cycles 2 through 22, each cycle of 3 weeks' duration. The control treatment was chemotherapy with placebo added in cycles 2 through 22; bevacizumab-initiation treatment was chemotherapy with bevacizumab (15 mg per kilogram of body weight) added in cycles 2 through 6 and placebo added in cycles 7 through 22. Bevacizumab-throughout treatment was chemotherapy with bevacizumab added in cycles 2 through 22. The primary end point was progression-free survival.

Results

Overall, 1873 women were enrolled. The median progression-free survival was 10.3 months in the control group, 11.2 in the bevacizumab-initiation group, and 14.1 in the bevacizumab-throughout group. Relative to control treatment, the hazard ratio for progression or death was 0.908 (95% confidence interval , 0.795 to 1.040; P=0.16) with bevacizumab initiation and 0.717 (95% CI, 0.625 to 0.824; P<0.001) with bevacizumab throughout. At the time of analysis, 76.3% of patients were alive, with no significant differences in overall survival among the three groups. The rate of hypertension requiring medical therapy was higher in the bevacizumab-initiation group (16.5%) and the bevacizumab-throughout group (22.9%) than in the control group (7.2%). Gastrointestinal-wall disruption requiring medical intervention occurred in 1.2%, 2.8%, and 2.6% of patients in the control group, the bevacizumab-initiation group, and the bevacizumab-throughout group, respectively.

Conclusions

The use of bevacizumab during and up to 10 months after carboplatin and paclitaxel chemotherapy prolongs the median progression-free survival by about 4 months in patients with advanced epithelial ovarian cancer. (Funded by the National Cancer Institute and Genentech; ClinicalTrials.gov number, NCT00262847.)

Supported by the National Cancer Institute and Genentech.

Disclosure forms provided by the authors are available with the full text of this article at NEJM.org.

Source Information

From the Fox Chase Cancer Center, Philadelphia (R.A.B.); the Gynecologic Oncology Group Statistical and Data Center, Roswell Park Cancer Institute, Buffalo, NY (M.F.B., H.H.); the Arizona Cancer Center, Tucson (M.A.B.); the University of Chicago, Chicago (G.F.F.); Creighton University School of Medicine at St. Joseph's Hospital and Medical Center, Phoenix, AZ (B.J.M.); the University of Oklahoma Health Sciences Center, Oklahoma City (R.S.M.); Wake Forest University School of Medicine, Winston-Salem, NC (H.D.H.); James Cancer Hospital at Ohio State University, Hilliard (J.F.); Seattle Cancer Care Alliance, Seattle (B.E.G.); Minnesota Oncology and Hematology, Minneapolis (M.B.); Harvard Medical School and Massachusetts General Hospital, Boston (M.J.B.); and North Shore–Long Island Jewish Health System, New Hyde Park, NY (S.X.L.).

Address reprint requests to Dr. Burger at Fox Chase Cancer Center, 333 Cottman Ave., Philadelphia, PA 19111, or at .

The member institutions of the Gynecologic Oncology Group that participated in this study are listed in the Supplementary Appendix, available at NEJM.org.


Plaats een reactie ...

Reageer op "Eierstokkanker: Bevacizumab - Avastin goedgekeurd als officieel medicijn naast chemo (paclitaxel - carboplatin) bij patiënten met gevorderde eierstokkanker. Maar overall overlevingscijfers ontbreken en resultaten roepen veel vragen op."


Gerelateerde artikelen
 

Gerelateerde artikelen

Eierstokkanker: Avastin - >> Avastin - Bevacizumab, een >>