27 november 2018: lees ook dit artikel: 

https://kanker-actueel.nl/blinatumomab-bij-een-recidief-of-ziekteprogressie-van-all-acute-lymfatische-leukemie-blijkt-uitstekend-medicijn-bij-zowel-kinderen-als-volwassenen-blijkt-uit-reviewstudie.html

2 februari 2015: Bron: ASH 2014 en The Lancet

Een immuuntherapeutische aanpak met  blinatumomab (Blincyto)  geeft volledige minimale zogeheten residuele ziekte bij 78% van de patiënten met All - acute lymfatische leukemia. Een compleet minimale residuele ziekte werd bereikt bij 80% van de patiënten in alle behandelingen met blinatumomab.

Minimale residuele ziekte status betekent dat er nog maar 5% of minder aan kankercellen gevonden worden in beenmerg en bloed, maar die meestal wel de oorzaak zijn voor een recidief.  Een positieve reactie op minimale residuele ziekte is een teken dat de ziekte volledig kan verdwijnen. Dus een patiënt met ALL in dit geval zou met een of meerdere kuren blinatumomab  kunnen genezen. In feite is blinatumomab een vorm van immuuntherapie met voorgeprepareerde T-cellen.

"Patiënten kunnen een complete hematologische remissie  bereiken door middel van conventionele behandelingen, dat wil zeggen, minder dan 5% kankercellen blijven over, maar hebben nog steeds minimale residuele ziekte op moleculair niveau" aldus studieleider en auteur Nicola Goekbuget, MD, van het Goethe University Hospital, Frankfurt, Duitsland.

blasten bj ALL

 "Minimale residuele ziekte is een sterke prognostische factor voor een recidief en overall overleving. Bijna alle patiënten met aanhoudende of terugkerende minimale residuele ziekte krijgen een recidief ondanks voortgezette chemotherapie.  Aanwezigheid van minimale residuele ziekte lijken patiënten resistent te maken voor  conventionele chemotherapie, " aldus dr. Goekbuget op een persconferentie tijdens de jaarlijkse bijeenkomst van de ASH - American Society of Hematology 2014.  "Nieuwe benaderingen zijn nodig om de resultaten bij patiënten met aanhoudende of terugkerende minimale residuele ziekte te verbeteren."

Blinatumomab is onlangs door de FDA - de Amerikaanse Food and Drug Administration goedgekeurd voor de behandeling van patiënten met All -  acute lymfatische leukemie met Philadelphia-negatieve B-cellen. Blinatumomab is het eerste "medicijn" van een nieuwe klasse van geneesmiddelen die zich richten op de deling van de zogenaamde bispecifieke T-cellen en is ontworpen om cytotoxische T-cellen rechtstreeks te richten op de CD19 expressie van kankercellen, die worden gevonden op het celoppervlak van B-cellen van acute lymfatische leukemie en het non -Hodgkin lymfoom.

Zie ook receptor-gemodificeerde-t-cellen-leiden-tot-totale-remissies-bij-uitbehandelde-agressieve-acute-lymfatische-leukemie-all-en-geven-hoop-op-genezende-behandeling die zelfde aanpak beschrijft als onderstaande aanpak

Ander interessant artikel over hoe en wat blinatumomab is is dit artikel: Blinatumomab, a bi-specific anti-CD19/CD3 BiTE® antibody for the treatment of acute lymphoblastic leukemia: perspectives and current pediatric applications

Studieopzet en resultaten van BLAST studie:

Table1.tiff

In de BLAST studie werden  116 volwassenen uit 46 centra in 11 provincies opgenomen; Alle patiënten hadden All - acute lymfatische leukemie met een B-cel karakter en een volledige hematologische remissie (<5% blasten/tumorcellen na drie cycli van chemotherapie) maar waren positief met minimale residuele ziekte (dwz niveau's van ≥ 10-3). Betrokkenheid van het centrale zenuwstelsel was een exclusie criterium (niet mogen deelnemen). Een eerder gekregen allogene hematopoietische stamceltransplantatie werd wel toegestaan.

De mediane leeftijd was 45 jaar (range 18 tot 76 jaar). Tweederde van de patiënten hadden een eerste recidief en ongeveer een derde had een tweede recidief; 2% hadden al een derde recidief.

Alle patiënten kregen ten minste één cyclus van blinatumomab en werden beoordeeld op minimale ziekte door een referentie-laboratoriumtest. Patiënten bleven op blinatumomab voor maximaal drie extra cycli, en voor transplantatie in aanmerking komende patiënten met een donor kregen een hematopoietische stamceltransplantatie. Zij werden gevolgd voor de werkzaamheid gedurende 2 jaar.

Patiënten die behandeld werden met blinatumomab bereikten minimale residuele ziekte reacties ongeacht leeftijd, minimale residuele ziekte niveau bij aanvang, of een eerder recidief. Er werd geen voorspellende factor voor wel of geen respons / reactie geïdentificeerd.

Onder de bijwerkingen die bij 20% van de patiënten plaatsvonden waren inbegrepen immuunreacties van koorts, koorts en rillingen; slechts 7% had een graad 3 bijwerking of hogere koorts. Spijsverterings bijwerkingen werden gezien bij ongeveer 22% van de patiënten. 29 procent van de patiënten had tremor (bevingen), en 13% had afasie. "Neurologische symptomen zijn klinisch relevant, hoewel de meeste neurologische problemen in deze studie slechts graad 1 of 2 waren," aldus dr. Dr. Goekbuget.

"Blinatumomab is gemakkelijker toepasbaar dan CAR [chimeer antigeen receptor] T-cellen. Dit medicijn laat de T-cellen het werk doen in vivo. Het medicijn is onlangs goedgekeurd voor de behandeling van recidiverende / refractaire B-cel acute lymfatische leukemie, en de vraag is of het een rol kan gaan spelen in de eerstelijnsbehandeling ", zegt Dr. Goekbuget.

Disclosure: Dr. Goekbuget heeft gemeld dat zij een consultant is van Amgen en dat zij honoraria en de financiering van het onderzoek van Amgen Inc. heeft ontvangen.

Het abstract van de studie: 379 BLAST: A Confirmatory, Single-Arm, Phase 2 Study of Blinatumomab, a Bispecific T-Cell Engager (BiTE®) Antibody Construct, in Patients with Minimal Residual Disease B-Precursor Acute Lymphoblastic Leukemia (ALL) staat hieronder. Het volledige studierapport is tegen betaling verkrijgbaar.

Blinatumomab treatment resulted in complete MRD response across multiple patient demographics including patients in second-line treatment and those with high MRD burden. With a complete MRD response rate of 78%, the study met its primary objective. Among patients with a complete MRD response, 98% had a response within the first treatment cycle. In patients with MRD+ ALL following intensive therapy, rapid MRD response induced by blinatumomab has the potential to improve patient outcomes.

379 BLAST: A Confirmatory, Single-Arm, Phase 2 Study of Blinatumomab, a Bispecific T-Cell Engager (BiTE®) Antibody Construct, in Patients with Minimal Residual Disease B-Precursor Acute Lymphoblastic Leukemia (ALL)Clinically Relevant Abstract

Program: Oral and Poster Abstracts
Type: Oral
Session: 614. Acute Lymphoblastic Leukemia: Therapy, excluding Transplantation: Immunotherapeutic Trials in ALL
Monday, December 8, 2014: 10:30 AM
West Building, 3009-3011-3022-3024 (Moscone Center)

Nicola Goekbuget1, Hervé Dombret2, Massimiliano Bonifacio3*, Albrecht Reichle4*, Carlos Graux5*, Violaine Havelange6*, Eike C. Buss7*, Christoph Faul8, Monika Bruggemann9*, Arnold Ganser10, Julia Stieglmaier11*, Hendrik Wessels11*, Vincent Haddad12*, Gerhard Zugmaier11*, Dirk Nagorsen13* and Ralf C. Bargou14

1Goethe University Hospital, Frankfurt, Germany
2Hôpital Saint-Louis, Paris, France
3Verona University, Verona, Italy
4University Hospital Regensburg, Regensburg, Germany
5CHU UCL Mont-Godinne, Yvoir, Belgium
6Cliniques Universitaires Saint-Luc, Université Catholique de Louvain, Brussels, Belgium
7Universitätsklinikum Heidelberg, Heidelberg, Germany
8UniversitätsKlinikum Tübingen, Tübingen, Germany
9University Schleswig Holstein in the City Hospital, Kiel, Germany
10Medizinische Hochschule Hannover, Hannover, Germany
11Amgen Research (Munich) GmbH, Munich, Germany
12Amgen Ltd., Cambridge, England
13Amgen Inc., Thousand Oaks, CA
14Würzburg University Medical Center, Comprehensive Cancer Center Mainfranken, Würzburg, Germany

Introduction: In ALL, minimal residual disease (MRD) is defined as the detection of leukemic cells in bone marrow by PCR or flow cytometry in the presence of hematological complete remission (CR).  Patients with persistent/recurrent MRD after induction therapy have a higher risk of relapse than those with no detectable MRD.  Effective treatment of patients with MRD aims to avoid hematologic relapse, reduce MRD load, and provide a bridge to subsequent HSCT.  

Blinatumomab, an investigational BiTE® antibody construct, redirects CD3+ T cells to CD19+ target cells, resulting in serial lysis of CD19+ B cells.  In a phase 2 study of blinatumomab in 21 patients with MRD+ ALL in first-line treatment, 80% of evaluable patients achieved a complete MRD response.  BLAST, a confirmatory single-arm, phase 2 study evaluated efficacy, safety, and tolerability of blinatumomab in patients with MRD+ ALL in a larger population.

Methods: Adults (≥18 years) with B-precursor ALL in hematologic CR (<5% blasts in bone marrow) after ≥3 intensive chemotherapy treatments and with MRD ≥10-3 were eligible.  Patients with current CNS pathology or extramedullary disease, previous allogeneic HSCT, or Ph+ ALL eligible for treatment with tyrosine kinase inhibitors were excluded.  Blinatumomab 15 µg/m²/day was given by continuous IV infusion for 4 weeks, followed by a 2-week treatment-free period (1 cycle).  Responders could receive ≤4 cycles of treatment or undergo HSCT after ≥1 cycle.  Patients with hematologic relapse discontinued treatment.  Rate of complete MRD response (absence of MRD confirmed with a sensitivity of at least 10‑4 after 1 cycle) was the primary endpoint. MRD was assessed by allele-specific quantitative real-time PCR for clonal rearrangements of immunoglobulin or T-cell receptor genes by a central laboratory.  Overall survival (OS), relapse-free survival (RFS), duration of complete MRD response, and incidence and severity of adverse events (AEs) were secondary endpoints.  Per protocol, OS and RFS will be analyzed after 18 months minimum follow-up.

Results: 116 patients enrolled and received blinatumomab.  Median (range) age was 45 (18–76) years; 15 (13%) patients were ≥65 years of age. 35% of the patients were treated in second or later remission (Table).  As of February 2014, 106 patients had ended treatment: 74 had completed treatment (4 cycles or 1 cycle followed by HSCT) and 32 had discontinued treatment due to AEs, disease relapse, or investigators' decision; 79 patients were still alive and being followed. Three patients were excluded from the efficacy analysis: one had no central lab assay and two had assays with a sensitivity of 5×10-4.  Eighty-eight patients (78% [95% CI, 69%–85%]) had a complete MRD response after 1 cycle of treatment.  The lower CI bound exceeded 44% (the null hypothesis response rate), confirming that the study met its primary objective.  Two additional patients had a complete MRD response after >1 cycle of blinatumomab; across all cycles the complete MRD response rate was 80%.  The rate of complete MRD response did not differ significantly across baseline age, sex, line of treatment, and MRD burden categories (Table).  All patients experienced ≥1 AE.  AEs occurring in ≥20% of patients included pyrexia (88%), headache (38%), tremor (29%), chills (25%), fatigue (24%), nausea (22%) and vomiting (22%).  Serious AEs (SAEs) occurred in 60% of patients; 59% and 27% of patients had grade ≥3 and grade ≥4 AEs, respectively.  SAEs occurring in ≥5% of patients were pyrexia (15%), tremor (7%), aphasia (5%), encephalopathy (5%) and overdose (5%).  Two fatal AEs occurred on treatment: subdural hemorrhage and atypical pneumonia (the latter was deemed treatment-related).

Conclusion:  This is the largest prospective trial with an experimental compound in MRD+ ALL.  Blinatumomab treatment resulted in complete MRD response across multiple patient demographics including patients in second-line treatment and those with high MRD burden.  With a complete MRD response rate of 78%, the study met its primary objective.  Among patients with a complete MRD response, 98% had a response within the first treatment cycle.  In patients with MRD+ ALL following intensive therapy, rapid MRD response induced by blinatumomab has the potential to improve patient outcomes.

Table1.tiff

Disclosures: Goekbuget: Amgen Inc.: Consultancy, Honoraria, Research Funding. Off Label Use: This presentation will discuss the off-label use of blinatumomab, as this agent is not approved for use by the FDA, EMA or any other regulatory authorities.. Dombret: Amgen Inc.: Honoraria, Research Funding. Bonifacio: Amgen Inc.: Consultancy. Graux: Amgen Inc.: Honoraria, Membership on an entity’s Board of Directors or advisory committees. Buss: Amgen Inc.: Reimbursement for participation in clinical studies, Reimbursement for participation in clinical studies Other; BMS: Travel support, Travel support Other; Novartis: Travel support Other; Pfizer: Reimbursements for participation in clinical studies, Reimbursements for participation in clinical studies Other. Bruggemann: Amgen Inc.: Consultancy, Research Funding. Stieglmaier: Amgen Inc.: Equity Ownership; Amgen Research (Munich) GmbH: Employment. Wessels: Amgen Inc.: Equity Ownership; Amgen Research (Munich) GmbH: Employment. Haddad: Amgen Ltd.: Employment. Zugmaier: Amgen Research (Munich) GmbH: Employment; Amgen Inc.: Equity Ownership. Nagorsen: Amgen Inc.: Employment, Equity Ownership, Related to blinatumomab Patents & Royalties. Bargou: Amgen Inc.: Consultancy, Honoraria.


Plaats een reactie ...

Reageer op "Blinatumomab (Blincyto) geeft volledige minimale zogeheten residuele ziekte bij 80 procent van de patiënten met All - acute lymfatische leukemia en kan ALL genezen"


Gerelateerde artikelen
 

Gerelateerde artikelen

Blinatumomab (Blincyto) geeft >> Blinatumomab, een nieuw gericht >> blinatumomab bij een recidief >>