27 juni 2020: Sciencedirect

Prostaat-specifiek membraanantigeen PET-CT bij patiënten met een hoog risico op prostaatkanker vóór curatieve chirurgie of radiotherapie (proPSMA) geeft betere resultaten als diagnose in vergelijking met gewone Pet-CT scan en / of botscan. 

Conventionele beeldvorming met CT en botscan is onvoldoende gevoelig bij het opvoeren van mannen met een hoog risico op gelokaliseerde prostaatkanker, zo wordt algemeen aangenomen in de klinische praktijk. Onderzoekers hebben aangetoond dat nieuwe beeldvorming met prostaatspecifiek membraanantigeen (PSMA) PET-CT de nauwkeurigheid kan verbeteren en het behandelen van mannen met prostaatkanker verder kan verbeteren.

In deze multicenter, twee-armige, gerandomiseerde studie werden mannen opgenomen met biopsie-bewezen prostaatkanker en risicovolle kenmerken in tien ziekenhuizen in Australië.
Patiënten werden willekeurig toegewezen aan conventionele beeldvorming met CT en botscanning of gallium-68 PSMA-11 PET-CT.
Eerstelijnsbeeldvorming vond plaats binnen 21 dagen na randomisatie. Patiënten wisselden van groep, tenzij drie of meer metastasen op afstand werden geïdentificeerd.
Primaire doel was de nauwkeurigheid van eerstelijnsbeeldvorming voor het identificeren van ofwel bekkenlymfklier uitzaaiingen of uitzaaiingen op afstand, gedefinieerd door de werkingscurve van de ontvanger met behulp van een vooraf gedefinieerde referentiestandaard inclusief histopathologie, beeldvorming en biochemie na 6 maanden follow-up.

Belangrijke bevinding uit de studie is deze: 

Subgroepanalyses toonden ook de superioriteit van een PSMA PET-CT van 91% vs 59% voor patiënten met uitzaaiingen in de lymfklieren in het bekken [32% absoluut verschil; 28-35]  en 95% vs 74% voor patiënten met uitzaaiingen op afstand) [22% absoluut verschil; 18-26] 

Van het studierapport: Prostate-specific membrane antigen PET-CT in patients with high-risk prostate cancer before curative-intent surgery or radiotherapy (proPSMA): a prospective, randomised, multicentre study is alleen het abstract van de studie vrij in te zien met wel een video uitleg:

Refers to
Caroline Moore

Prostate-specific membrane antigen PET-CT before radical treatment
The Lancet, Volume 395, Issue 10231, 11–17 April 2020, Pages 1170-1172

Summary

Background

Conventional imaging using CT and bone scan has insufficient sensitivity when staging men with high-risk localised prostate cancer. We aimed to investigate whether novel imaging using prostate-specific membrane antigen (PSMA) PET-CT might improve accuracy and affect management.

Methods

In this multicentre, two-arm, randomised study, we recruited men with biopsy-proven prostate cancer and high-risk features at ten hospitals in Australia. Patients were randomly assigned to conventional imaging with CT and bone scanning or gallium-68 PSMA-11 PET-CT. First-line imaging was done within 21 days following randomisation. Patients crossed over unless three or more distant metastases were identified. The primary outcome was accuracy of first-line imaging for identifying either pelvic nodal or distant-metastatic disease defined by the receiver-operating curve using a predefined reference-standard including histopathology, imaging, and biochemistry at 6-month follow-up. This trial is registered with the Australian New Zealand Clinical Trials Registry, ANZCTR12617000005358.

Findings

From March 22, 2017 to Nov 02, 2018, 339 men were assessed for eligibility and 302 men were randomly assigned. 152 (50%) men were randomly assigned to conventional imaging and 150 (50%) to PSMA PET-CT. Of 295 (98%) men with follow-up, 87 (30%) had pelvic nodal or distant metastatic disease. PSMA PET-CT had a 27% (95% CI 23–31) greater accuracy than that of conventional imaging (92% [88–95] vs 65% [60–69]; p<0·0001). We found a lower sensitivity (38% [24–52] vs 85% [74–96]) and specificity (91% [85–97] vs 98% [95–100]) for conventional imaging compared with PSMA PET-CT.

Subgroup analyses also showed the superiority of PSMA PET-CT (area under the curve of the receiver operating characteristic curve 91% vs 59% [32% absolute difference; 28–35] for patients with pelvic nodal metastases, and 95% vs 74% [22% absolute difference; 18–26] for patients with distant metastases).

First-line conventional imaging conferred management change less frequently (23 [15%] men [10–22] vs 41 [28%] men [21–36]; p=0·008) and had more equivocal findings (23% [17–31] vs 7% [4–13]) than PSMA PET-CT did. Radiation exposure was 10·9 mSv (95% CI 9·8–12·0) higher for conventional imaging than for PSMA PET-CT (19·2 mSv vs 8·4 mSv; p<0·001). We found high reporter agreement for PSMA PET-CT (κ=0·87 for nodal and κ=0·88 for distant metastases). In patients who underwent second-line image, management change occurred in seven (5%) of 136 patients following conventional imaging, and in 39 (27%) of 146 following PSMA PET-CT.

Interpretation

PSMA PET-CT is a suitable replacement for conventional imaging, providing superior accuracy, to the combined findings of CT and bone scanning.

Funding

Movember and Prostate Cancer Foundation of Australia.

Video Abstract

Download : Download video (21MB)

PSMA PET-CT in patients with high-risk prostate cancer

Professor Michael Hofman introduces the paper on prostate-specific membrane antigen PET-CT in patients with high-risk prostate cancer

YouTube link: https://youtu.be/QKxPgEdLO2E


Plaats een reactie ...

Reageer op "Prostaat-specifiek membraanantigeen PET-CT bij prostaatkankerpatienten voor chirurgie of radiotherapie (proPSMA) geeft betere diagnose dan gewone CT-scan of MRI"


Gerelateerde artikelen