11 juni 2017:

Valstar Arts-bioloog drs. Engelbert Valstar zijn column van juni 2017, Herregistratie, gaat over de herregistratie van artsen die hun registratie zijn kwijtgeraakt. Artsen moeten zich laten herregistreren. Doen ze dit niet dan raken ze hun bevoegdheid kwijt. Bijscholing en/of werk moet in voldoende mate gedaan zijn om geherregistreerd te worden. Reguliere artsen mogen de tijd die besteed is aan wat niet standaard is wel meetellen, maar CAM-artsen mogen dat niet. Valstar vindt deze ongelijkheid verwerpelijk.

Herregistratie

Artsen passen therapieën toe die ze op de universiteit geleerd hebben, maar ook nieuwe net gepubliceerde behandelingen die nog niet in de nascholing zitten en/of al aan de studenten gedoceerd worden. Denk bijvoorbeeld aan de natuurgeneeswijze poeptransplantatie bij Clostridiuminfecties van de darm.

Iets wat net in een onderzoek blijkt te werken hoef je als arts evenwel niet direct toe te passen als je andere goede opties hebt. Zo zul je een patiënt met een veel te hoge bloeddruk, voor wie diëten erg ingewikkeld zijn en die weinig geld heeft eerder een geregistreerde bloedrukverlager geven dan een patiënt die een niet zo hoge bloeddruk heeft, diëten goed aan kan en ook genoeg geld heeft voor gezond voedsel. Die geef je  eerder dieetadviezen.

Het programma dat een arts een patiënt voorschrijft kan in hetzelfde geval per arts toch verschillen door verschillen in kennis en een verschil in voorkeuren. Een arts heeft wat genoemd wordt een discretionaire bevoegdheid. Uiteraard moet wel wanneer een behandeling eruit springt qua effectiviteit deze als eerste worden toegepast. Andere adviezen kunnen dan slechts nuttig zijn wanneer ze de eerste behandeling ondersteunen en/of deze versterken en/of de bijwerkingen verminderen, dan wel zelf ook nog eens nuttig hebben.

Het is zelfs zo wanneer er een effectievere behandeling is dan in je protocol staat, je zelfs van dat protocol moet afwijken door in ieder geval de nieuwste en beste behandeling ook te geven.

Het voorgaande geeft aan dat dit ook bij herregistratie van belang is. Nuttig artsenwerk telt als gewerkte tijd als dat wetenschappelijk gefundeerd is, maar zelfs ook wanneer het logisch maar speculatief is, wat bijvoorbeeld bij een uitbehandelde kankerpatiënt het geval is. Juist ook regulier gaat men door met zo logisch mogelijk behandelen ook als er al lang geen protocol meer is.

Dat inmiddels het KNMG, AVIG en andere van mening verschillen over wat nog onderbouwd is en wat nog speculatief logisch is doet er niet toe. Artsenorganisaties kunnen nu eenmaal van mening verschillen. Dat de KNMG inmiddels (4 juni 2017) heeft laten weten dat niet alle uren zouden tellen bij wat heet niet reguliere artsen wordt door de KNMG niet gepreciseerd. Van mijn kant stel ik dat de tijd die bijvoorbeeld door huisartsen besteed wordt om verder gezonde mensen met een te hoog cholesterol cholesterolverlagers voor te schrijven (zinloos) ook niet als werktijd mee zou mogen tellen.

Kritiek is er mogelijk op de AVIG (waarom zo weinig protocollen op de website  met literatuur ; bij artsen zoals ik wemelt het ervan) maar ook op de KNMG is kritiek mogelijk : waarom ineens die extra nuancering omtrent complementair en waarom geen kritiek op wat ‘regulier’ zinloos is en waarom geen belangstelling voor literatuur van de CAM-zijde. Ik heb het nodige liggen. Graag ga ik met de KNMG in debat. Ik voel me nog altijd een ‘cheetah met loensende ogen’.

Gewoon zonder onderscheid des persoons herregistreren als de arts voldoende uren per jaar met patiënten gewerkt heeft. Petities vanwege herregistratie zijn niet nodig. Die suggereren wat artsen betreft slechts een gebrek aan zelfvertrouwen. Een onderscheid tussen regulier en niet regulier bestaat gewoon niet!

Het moge duidelijk zijn: de (discretionaire) bevoegdheid van artsen dient gerespecteerd te worden. Slechts aan ieders kundigheid mogen eisen worden gesteld.

Wat iemand die fanatiek streeft naar een afschaffing van alles wat niet regulier zou zijn, betreft, zou ik Betrand Russell willen aanhalen:’ Do not feel envious of the happiness of those who live in a fool’s paradise, for only a fool will think that is happiness’, ontleend aan deel 3 van zijn autobiografie en aangehaald in 2016 in   ‘Science friction’ van A Rorsch (ISBN 978 90389 2553 0).


Plaats een reactie ...

Reageer op "Herregistratie: column van arts-bioloog drs. Engelbert Valstar over waarom en wanneer artsen mogen afwijken van behandelingsprotocollen"


Gerelateerde artikelen
 

Gerelateerde artikelen

KWFzalverij revisited. Column >> Do not confuse leadership >> Domheid is zonde. Column van >> Teloorgang ziekenhuizen? column >> Aanvullend verzekeren in de >> Ethische en juridische aspecten >> Spinnen in het web. Column >> Evidence based medicin. Column >> De bedriegelijkheid van nonsense. >> Geen koffiepraat. Column van >>